Begrippenlijst WSNP

Begrippenlijst WSNP

In de WSNP worden veel begrippen gebruikt, die misschien niet altijd duidelijk zijn. Op deze pagina geven wij u dan ook uitleg over diverse veelgebruikte begrippen (definities/termen) in de WSNP:

Begrippenlijst:

Arrest: uitspraak van het Gerechtshof in hoger beroep.

Beschikking: uit een uitspraak van veelal een Rechter-Commissaris (R-C).

Bewindvoerder: Er zijn twee soorten bewindvoerders: (a) de WSNP-bewindvoerder (dit is een persoon (vaak verbonden aan een kantoor) die door de rechtbank wordt aangewezen om erop toe te zien dat de schuldenaar zich houdt aan de verplichtingen uit de WSNP en (b) de beschermingsbewindvoerder (een persoon (vaak verbonden aan een kantoor) die door de kantonrechter wordt aangesteld om de vermogensrechtelijke belangen waar te nemen van een meerderjarige die vanwege diens lichamelijke of geestelijke toestand niet in staat is dit zelf te doen. 

Boedel: dit zijn uw goederen en uw geld.

Boedelachterstand: een tekort op de boedelrekening dat ontstaat wanneer minder wordt afgedragen, dan u eigenlijk had moeten doen.

Boedelrekening: een rekening die wordt beheerd door uw bewindvoerder en waarop u maandelijks het bedrag dient te storten dat uitkomt boven het vrij te laten bedrag.

Budgetbeheer: Budgetbeheer is een vorm van (vrijwillige) schuldhulp waarbij een derde op verzoek van een particulier toezicht houdt op diens financiële situatie. Budgetbeheer kan door de gemeente worden verzorgd of door een bedrijf. Bij budgetbeheer worden meestal alle inkomsten overgemaakt naar de budgetbeheerder die zorgt voor de betaling van de vaste lasten, het verstrekken van leefgeld en (waar mogelijk) het sparen voor onvoorziene omstandigheden. 

CAK: Het Centraal Administratie Kantoor van de overheid. De CAK voert veel taken uit namens de overheid, waaronder de ‘Regeling wanbetalers’. Wanneer meer dan zes maanden lang geen zorgpremie wordt betaald en op aanmaningen niet wordt gereageerd, vindt aanmelding plaats bij het CAK. Deze legt (een veelal hoger) premie op dan de normale basisverzekering. Meer informatie vindt u hier.  

Dwangakkoord: bij een dwangakkoord wordt de rechter gevraagd om alle schuldeisers te verplichten in te stemmen met een aangeboden minnelijk akkoord. Dit middel wordt ingezet indien er bijvoorbeeld één schuldeisers is die een minnelijk akkoord blokkeert door daar niet mee in te stemmen.

Gefinancierde rechtsbijstand: een systeem waarbij de overheid het overgrote deel van de juridische kosten van een rechtszoekende met een laag inkomen betaalt. 

Hoger beroep: het voorleggen van een uitspraak (vonnis of beschikking) aan een hogere instantie (veelal: het Gerechtshof) met het verzoek de zaak opnieuw te beoordelen. Voor het indienen van een hoger beroep in de WSNP is altijd een advocaat verplicht. 

Minnelijk traject: het traject dat loopt via de (gemeentelijke) schuldhulpverlening. Tijdens dit traject wordt geprobeerd om met uw schuldeisers een regeling te treffen. Wanneer dit niet lukt, volgt een aanvraag voor de WSNP.

MNSP: de afkorting voor: Minnelijke Schuldhulpverlening Natuurlijke Personen. Een andere benaming voor het ‘minnelijk traject’. 

Moratorium: een nood-voorziening, via de rechtbank, waarbij een verbod wordt opgelegd op gedwongen woningontruiming, beëindiging van de levering van gas, elektra of water of opzegging dan wel ontbinding van de zorgverzekering. Het moratorium is geregeld in art. 287b Faillissementswet

Postblokkade: Al uw post wordt rechtstreeks aan uw bewindvoerder gezonden, die de brieven ook zal lezen. De bewindvoerder zendt u vervolgens uw post door. Bijna elke WSNP begint met een postblokkade, maar als alles goed loopt zal deze normaliter na 6 maanden weer worden opgeheven en ontvangt u weer rechtstreeks uw post.  

Pro forma (eind)zitting: een niet-inhoudelijke (eind)zitting. Een pro forma (eind)zitting wordt ingepland indien de rechter van plan is om op basis van de stukken (waaronder het eindadvies van de bewindvoerder) tot een beslissing te komen. U hoeft op een dergelijke zitting niet te verschijnen.

Rechter-Commisaris: De persoon (aangewezen door de rechtbank) die  toezicht houdt op de bewindvoerder en oordeelt over diverse verzoeken die tijdens de WSNP kunnen worden gedaan, zoals een verzoek om te worden ontheven van de sollicitatieplicht of een verzoek om bepaalde schade-uitkeringen buiten de boedel te houden. 

Toelatingsrechter: Deze (onofficiële) naam wordt vaak gegeven aan de rechter die heeft beslist omtrent de toelating tot de WSNP.

Toelatingszitting: De zitting waarop wordt beslist of de schuldenaar wel of niet wordt toegelaten tot de WSNP.

Tussentijdse beëindiging : Een op verzoek van de bewindvoerder of rechter-commissaris voortijdig beëinding van de WSNP. Een tussentijdse beëindiging vindt veelal plaats wanneer de schuldenaar niet aan de verplichtingen uit de WSNP heeft voldaan. Er volgt in bijna alle gevallen geen schone lei. 

VTLB: afkorting voor: Vrij Te Laten Bedrag (het bedrag dat u mag houden tijdens de WSNP).

Vonnis: uitspraak van de Rechtbank.

Vrij te laten bedrag: het bedrag dat u mag houden (dus niet hoeft over te maken aan de boedel). Dit bedrag dient u te gebruikelijk om uw vaste lasten te betalen (huur, energie, verzekeringen etc) en voor uw levensonderhoud. De hoogte van het vrij te laten bedrag wordt berekend door uw bewindvoerder.

WSNP: de afkorting voor: Wet Sanering Natuurlijke Personen. Een WSNP volgt na het minnelijk traject.

 

Begrippen uit deze lijst mogen worden hergebruikt voor niet-commerciële doeleinden, mits een bronvermelding (www.wsnp-zaken.nl) wordt gegeven.