Categorie archief Blog

doorArjan van Luipen

Via de hardheidsclausule toegang tot de WSNP

update: 14 december 2018

Om toegang te krijgen tot de WSNP moet de schuldenaar minimaal aan de volgende voorwaarden voldoen:

  1. de schuldenaar heeft problematische schulden, die deze niet meer kan betalen;
  2. de schuldenaar is ten aanzien van de schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek te goeder trouw geweest;
  3. Het is aannemelijk dat de schuldenaar zijn/haar verplichtingen, die voortvloeien uit de schuldsanering, zal nakomen.

Daarnaast geldt dat er voorafgaand aan het verzoek tot toelating tot de WSNP een minnelijk traject moet hebben plaatsgevonden. Ook mag de schuldenaar niet eerder (in de 10 jaren daaraan voorafgaand) in de WSNP hebben gezeten.

Vaak zien we dat vooral het 2e punt een groot obstakel vormt voor toegang tot de WSNP: de goeder trouw (zie ook deze blog).

Indien de rechtbank of het gerechtshof er niet van overtuigd kan worden dat de schuldenaar ten aanzien van de aanwezig schulden te goeder trouw was, kan een beroep op de hardheidsclausule uitkomst bieden.

Wat is de hardheidsclausule?

De hardheidsclausule is in de wet opgenomen in art. 288 lid 3 Fw en luidt:

Het verzoek kan in afwijking van het eerste lid, onder b, en het tweede lid, onder c, worden toegewezen indien voldoende aannemelijk is dat de schuldenaar de omstandigheden die bepalend zijn geweest voor het ontstaan of onbetaald laten van zijn schulden, onder controle heeft gekregen.

Dit artikel geeft als ware een ‘escape’ (een vluchtroute) indien de schuldenaar niet voldoet aan de voorwaarden voor de toelating tot de WSNP.

Een beroep op de hardheidsclausule moet goed worden onderbouwd en wordt door de rechtbanken en gerechtshoven als uitzondering op de regel gezien.

Daarbij geldt overigens dat er voor 2015 wel eens onduidelijkheid bestond over de reikwijdte van de hardheidsclausule. In een uitspraak van 20 november 2015 (voor de hele uitspraak, zie hier) heeft de Hoge Raad duidelijk gemaakt dat het alhier niet alleen maar gaat om persoonlijke veranderingen (zoals verslavingsproblematiek), maar ook andere omstandigheden (zie hierna) kunnen worden ingezet om succesvol de hardheidsclausule in te zetten.

Wanneer kan een beroep op de hardheidsclausule slagen?

In de eerste plaats geldt dat nadrukkelijk een beroep op de clausule gedaan moet worden. De rechter kan anders deze clausule passeren. Indien de schuldenaar een goede advocaat heeft, zal deze dit punt niet moeten laten liggen.

Voorbeelden van een geslaagd beroep op de hardheidsclausule zijn:

  • de schuldenaar heeft echt een keer ten goede gemaakt en zichtbaar (en bewijsbaar!) de omstandigheden die hebben geleid tot de schulden drastisch gewijzigd;
  • de schulden zagen uitsluitend op ondernemers-schulden en de onderneming is gestaakt en de schuldenaar heeft een vaste baan (zie bijvoorbeeld deze uitspraak van ons kantoor uit mei 2017);
  • er was sprake van verslaving, maar bewijsbaar is aangetoond dat deze verslaving echt tot het verleden behoort. (minimaal één jaar geen verslaving is veelal vereist);
  • Hof Leeuwarden, 13 december 2018 (uitspraak van ons kantoor, nog niet gepubliceerd): de schuldenaar heeft duidelijk een gedragsverandering laten zien en al drie jaar lang geen nieuwe schulden gemaakt. Heeft daarnaast een goed baan en zijn werkgever heeft een verklaring overgelegd waaruit volgt dat deze zeer tevreden is over zijn inzet. Het Hof heeft het vertrouwen dat de schuldenproblematiek zich in de toekomst niet zal herhalen;
  • er is beschermingsbewind aangevraagd of uitgesproken.

Heeft u vragen naar aanleiding van deze blog? Stel deze dan via ons contactformulier. Een van onze in de WSNP gespecialiseerde advocaten beantwoordt graag uw vraag.

Bent u zelf niet toegelaten tot de WSNP en wilt in hoger beroep? Wacht dan niet te lang: neem direct contact met ons op.

doorArjan van Luipen

Verkorting looptijd van de WSNP

De advocaten van WSNP-zaken.nl ontvangen zeer regelmatig vragen van mensen in de schuldsaneringsregeling (WSNP) over de mogelijkheid van verkorting van de WSNP. In deze blog leggen wij uit wanneer verkorting tot de mogelijkheden behoort.

De normale duur van de WSNP

De standaard-duur van een WSNP-traject bedraagt 3 jaar, te rekenen vanaf het moment van toelating tot de regeling.  Het voortraject (het minnelijk traject) wordt derhalve voor de looptijd niet meegeteld.

Wanneer er problemen optreden tijdens de duur van de regeling (bijvoorbeeld omdat er nieuwe schulden ontstaan, een boedelachterstand ontstaat of de verplichtingen uit de WSNP niet worden nagekomen) kan de regeling tussentijds worden beëindigd óf met maximaal met 2 jaar worden verlengd tot 5 jaar. Een WSNP langer dan 5 jaar is in principe niet mogelijk.

Verkorting van de WSNP?

In sommige gevallen is het mogelijk om de WSNP te verkorten, zodat deze korter duurt dan 3 jaar. Nooit zal de regeling echter korter dan 1 jaar kunnen duren (behalve natuurlijk wanneer deze tussentijds wordt beëindigd, maar dan is er geen schone lei). Een verkorting van de WSNP zien we het vaakst voorkomen indien de WSNP is gevolgd op een faillissement (via een omzetting). Maar het is geen voorwaarde voor een verkorting dat eerst een faillissement is uitgesproken.

Voorwaarden verkorting van de WSNP

In het (inmiddels wat verre verleden) oordeelde de verschillende rechtbanken anders over verkorting van de WSNP. Om die reden heeft Recofa op 2 maart 2015 een Richtlijn uitgevaardigd. Deze richtlijn moet meer uniformiteit (gelijkheid) brengen tussen de verschillende rechtbanken.

Deze richtlijn (‘notitie’) kunt u hier in zijn geheel lezen.

Uit deze Richtlijn kunnen de navolgende ‘regels’ worden gehaald:

  1. De schuldenaar moet tijdens de looptijd van de WSNP al zijn/haar verplichtingen uit de WSNP volledig zijn nagekomen;
  2. Duidelijk moet zijn dat alle bekende baten (dit zijn inkomsten, vermogen etc) moeten zijn ontvangen door de boedel. Daarbij moet het ook niet meer te verwachten zijn dat tijdens de standaard looptijd van de WSNP nog nieuwe baten beschikbaar zullen komen;
  3. Duidelijk moet zijn dat de schuldenaar geen (relevante) aflossingscapaciteit (meer) heeft en dat het ook niet te verwachten is dat deze er tijdens de looptijd van de WSNP nog wel zal komen;
  4. (in combinatie met punt c): de schuldenaar moet voor de resterende duur van de WSNP een volledige ontheffing hebben gekregen van de sollicitatieplicht.

Alleen indien aan al deze voorwaarden is voldaan, kan de Rechtbank beslissen om de WSNP te verkorten, zodat deze korter duurt dan drie jaar. 

Een voorbeeld waar verkorting zou kunnen plaatsvinden:

Een schuldenaar is volledig afgekeurd (arbeidsongeschikt) en leeft op bijstandsniveau. Bij de toelating tot de WSNP was er een beetje spaartegoed. Dat geld is overgemaakt naar de boedel. Er is voor de rest geen vermogen. Het inkomen dat wordt verkregen is onder het VTLB. Om die reden vindt er geen afdracht plaats aan de boedel. Omdat de schuldenaar is afgekeurd is deze volledig ontheven van de sollicitatieplicht. Het is derhalve duidelijk dat het laten voortduren van de WSNP niet zal leiden tot een hogere uitkering aan de schuldeisers.

Uit de notitie volgt overigens ook dat de Rechter-Commissaris “in ieder geval binnen drie maanden nadat een jaar na de van toepassingsverklaring van een de schuldsaneringsregeling is verstreken”, zelfstandig (ambtshalve) beoordeelt of gronden zijn om de looptijd van die regeling te verkorten.

Mocht de schuldenaar voldoen aan de hiervoor genoemde voorwaarden, kan deze er verstandig aan doen om na een jaar contact op te nemen met de bewindvoerder en deze vragen of een dergelijk verkortingstraject loopt.

doorArjan van Luipen

Niet saneerbare schulden (vallen buiten de schone lei)

Veel mensen stellen ons de vraag welke schulden nu wel en welke schulden nu niet vallen onder de schone lei. Wij leggen dit graag uit in deze korte blog.

Het uitgangspunt van de WSNP is dat alle schulden, die zijn ontstaan vóór toelating tot de WSNP vallen onder de werking van de schone lei. Dit houdt in dat na het verlenen van de schone lei, er geen schulden meer zijn.

De overheid heeft echter bepaald dat sommige schulden ondanks de schone lei, toch niet worden gesaneerd. Het betreft hier drie categorieën van schulden.

Categorie 1: Schulden uit een strafrechtelijke veroordeling

Geen schone lei wordt verleend ten aanzien van vorderingen die voortvloeien uit een in kracht van gewijsde gegane strafrechtelijke veroordeling (dit houdt in dat de uitspraak definitief is) tot betaling van:
  1. een geldboete, zoals bedoeld in art. 9 lid 1 sub 4 van het Wetboek van Strafrecht
  2. een geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, zoals bedoeld in art. 36e van het Wetboek van Strafrecht
  3. een geldbedrag ten behoeve van een slachtoffer of diens nabestaanden wanneer deze is opgelegd bij een strafrechtelijke veroordeling, zoals bedoel in art. 36f van het Wetboek van Strafrecht;
  4. een schadevergoeding aan een benadeelde partij, zoals bedoeld in art. 51a Wetboek van Strafvordering.
Let op: Administratieve boetes  (Wet Mulder Boetes) vallen wel onder de werking van de schone lei.

Tijdens de looptijd van de WSNP worden deze schulden niet afgelost aan het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Aan het einde van het WSNP-traject betaalt de bewindvoerder deze schulden aan het CJIB. Indien er na die betaling nog sprake is van een restschuld, dan moet de schuld alsnog zelf worden voldaan.

Categorie 2: Studieschulden aan het DUO

Wie leent van het DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) moet op een gegeven moment de verstrekte lening terugbetalen aan het DUO. De schone lei verandert aan die verplichting niets.

In de praktijk komt het bij deze categorie schulden er op neer dat de studieschulden (bijvoorbeeld de studieleningen of prestatiebeurs) die aan het DUO  moeten worden terugbetaald, tijdens de WSNP als het ware worden bevroren. Zolang de WSNP voortduurt behoeft er niet te worden afgelost en komen deze bedragen derhalve niet ten laste van het VTLB (vrij te laten bedrag) of de boedel.
Ná beëindiging van de WSNP herleeft deze verplichting aan het DUO en moet er derhalve weer worden afgelost. 

Let op: Achterstallige schulden vallen wél onder de werking van de schone lei.

Maar wat is nu het verschil tussen een studieschuld en een achterstallige schuld? Onder een achterstallige schuld, wordt verstaan het bedrag van de verplichte terugbetaling dat 2 weken na de vervaldatum nog niet is ontvangen.

Categorie 3: Nieuwe schulden

Het maken van nieuwe schulden na toelating tot de WSNP is niet toegestaan en kan verstrekkende gevolgen hebben voor de WSNP zelf.
Zo bestaat er het aanmerkelijke risico dat de bewindvoerder in dat geval de WSNP zal voordragen voor tussentijdse beëindiging.
Wanneer de WSNP om deze reden niet eindigt, is het goed om te weten dat de schulden die zijn ontstaan tijdens de looptijd van de WSNP niet vallen onder de werking van de schone lei en dus ook na het verkrijgen van de schone lei moeten worden afbetaald. 


Heeft u naar aanleiding van deze blog vragen of opmerkingen? Neem dan contact met ons op.

contact

doorArjan van Luipen

De ene “WSNP-advocaat” is de andere niet

Iedere advocaat in Nederland is bevoegd om WSNP-zaken te behandelen, zowel bij de rechtbank (eerste aanleg) als bij het Gerechtshof (in hoger beroep). Het spreekwoord: ‘schoenmaker blijf bij je leest’ geldt echter ook hier.

Niemand kan van alle rechtsgebieden alles weten, daarvoor is het recht simpelweg te ingewikkeld. Je vraagt ook niet aan een metselaar om je huis te schilderen. Indien een advocaat met onvoldoende kennis van zaken, zaken aanneemt waar deze eigenlijk niet genoeg van weet, is dat niet zonder risico’s. De hulpvrager (schuldenaar) wordt dan niet goed genoeg geholpen en dit maakt het dat de kansen in de procedure niet optimaal worden benut en zelfs het Gerechtshof het hele beroep van tafel veegt (!)

Een voorbeeld hiervan zien we in deze uitspraak: https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:GHSHE:2018:308

Daarin overweegt het Gerechtshof onder meer:

Indachtig artikel 278 Rv juncto artikel 359 Rv dient het beroepschrift de gronden of grieven te bevatten waarop het beroep berust. Dit betekent dat moet blijken op welke gronden appellant, in dit geval [appellante] , meent dat de uitspraak waarvan beroep onjuist is. Daarbij moet de appelrechter, en in voorkomend geval de wederpartij c.q. de belanghebbende, voldoende duidelijk worden gemaakt welke bezwaren appellant tegen de bestreden uitspraak heeft en derhalve op welke gronden appellant vernietiging van de bestreden uitspraak wenst.

Naar het oordeel van het hof heeft [appellante] in haar beroepschrift geen, in elk geval geen (voldoende) kenbare grief gericht tegen de overwegingen van de rechtbank als verwoord in r.o. 2.3. van het vonnis waarvan beroep, aangehaald in r.o. 3.4. van dit arrest. In onderhavige zaak komt [appellante] wel tijdig in hoger beroep, maar heeft ze slechts een algemene stelling betrokken dat zij ontkent en betwist de gronden en rechtsoverwegingen die hebben geleid tot afwijzing van de schuldsaneringsregeling. Deze algemene grief wordt door het hof niet aangemerkt als een duidelijk kenbare grief.

(..)

Gelet op hetgeen reeds bij r.o. 3.9.2. van dit arrest is overwogen komt het hof tot slot niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van het beroep van [appellante].

(..)

Het hof verklaart, zoals reeds bij r.o. 3.9.2. van dit arrest is overwogen en gemotiveerd, [appellante] niet-ontvankelijk in het door haar ingestelde hoger beroep.

Uitleg: Het Gerechtshof vindt dat zij niet inhoudelijk kan kijken naar het beroep en daarmee verliest de schuldenaar direct het hoger beroep en daarmee diens kan om in hoger beroep toch tot een ander einde van de WSNP te komen.

Aan welke eisen moet een goede WSNP-advocaat voldoen?

Een goede WSNP-advocaat

  • doet met grote regelmaat WSNP-procedures;
  • kent de Faillissementswet (in ieder geval Titel III van deze wet) op zijn duimpje;
  • kent de jurisprudentie (dit zijn uitspraken van rechtbank en gerechtshoven) over de WSNP;
  • houdt zijn of haar literatuur bij (heeft bijvoorbeeld een abonnement op WSNP Periodiek);
  • heeft regelmatig contact met collega’s over de WSNP.

Alleen indien uw advocaat voldoet aan deze voorwaarden weet u dat u zo goed mogelijk wordt geholpen!

WSNP-zaken.nl is een dienst van Blat advocaten. Onze WSNP-advocaten voldoen aan bovengenoemde eisen en doen er alles aan u zo optimaal mogelijk te helpen!

contact

doorArjan van Luipen

Overzicht verplichtingen WSNP

Veel van onze cliënten zijn op zoek naar een compact overzicht van de verplichtingen die op hun rusten tijdens de duur van de schuldsaneringsregeling. In deze blog proberen wij dit zo puntsgewijs mogelijk op een rijtje te zetten:

De afdrachtplicht

Iemand die in de WSNP zit, mag maandelijks zijn/haar vrij te laten bedrag behouden (zelf het VTLB controleren?). Al hetgeen boven dit bedrag aan inkomen wordt ontvangen, moet aan de boedel worden overgemaakt.

Voorbeeld: het vrij te laten bedrag is vastgesteld op € 1200,-

Vrij te laten bedrag: Werkelijk inkomen: Naar de boedelrekening:
Februari € 1200,- € 1100,- € 0,- (geen teruggave!)
Maart € 1200,- € 1250,- € 50,-
April € 1200 € 1400,- € 200,-

De inspanningsverplichting

De inspanningsverplichting omvat veel verschillende verplichtingen en wordt vaak als een soort restcategorie gezien.

Onder de inspanningsverplichting vallen onder meer :

  • de plicht om zoveel mogelijk geld te sparen voor de schuldeisers;
  • de plicht om middels werken zoveel mogelijk inkomen te verkrijgen;
  • de plicht om je best te doen om andere geldmiddelen (bv een erfenis) te verkrijgen;
  • de plicht om ervoor te zorgen dat de maandelijkse kosten zo laag mogelijk zijn (bijvoorbeeld de plicht om de woonlasten te verlagen of een auto te verkopen of om te betalen alimentatie te verlagen).

De sollicitatieplicht

Voor iedereen in de WSNP die:

  • niet fulltime (= 36 uur) werkt en/of
  • geen ontheffing heeft van de sollicitatieplicht

geldt een sollicitatieplicht.

Dit houdt in dat gemiddeld 4 keer per maand schriftelijk én gericht moet worden gesolliciteerd. Daarnaast is de schuldenaar verplicht zich in te schrijven bij het UWV WERKbedrijf en daarnaast bij 3 á 4 uitzendbureaus. Van alle sollicitaties dienen aan de bewindvoerder de bewijsstukken te worden toegezonden.

Meer informatie over de sollicitatieplicht: klik hier.

De informatieplicht

Ook onder de informatieplicht vallen heel veel zaken. Voorbeelden van zaken die vallen onder de informatieplicht zijn:

  • wijzigen in de persoonlijke situatie (trouwen, scheiden, samenwonen, zwanger, overlijden partner etc);
  • wijzigingen in de woonsituatie (verhuizen, huurverhoging);
  • wijzigingen in het inkomen (ontslag of een nieuwe baan, loonsverhoging, meer of minder werken);
  • wijzigingen in het vermogen (het winnen van een prijs, (mogelijk) verkrijgen van een erfenis etc);
  • melden nieuwe schulden, belastingaanslagen, terugvorderingen.

De plicht om geen nieuwe schulden te maken

Tijdens de duur van de WSNP dient de schuldenaar uit het vrij te laten bedrag de vaste lasten (huur, energie, telefoon, internet, abonnementen) en overige levenskosten (boodschappen) zelf te voldoen. Daarbij wordt er vanuit gegaan dat het vrij te laten voldoende zou moeten zijn die lasten te dragen.

De plicht om geen boedelachterstand te laten ontstaan

Gekoppeld aan de afdrachtplicht, is de plicht om geen boedelachterstand te laten ontstaan. Indien op enig moment een achterstand ontstaat, moet deze zo snel mogelijk worden ingelopen. Dit kan soms erg lastig zijn, nu deze extra aflossing moet komen uit het vaak al krappe Vrij te laten bedrag.

Wat gebeurt er wanneer de verplichtingen niet worden nagekomen?

Het niet nakomen van de verplichtingen, waaronder niet (voldoende) solliciteren, niet (tijdig of volledig) informeren en/of het laten ontstaan van nieuwe schulden of een boedelachterstand kan grote gevolgen hebben voor de WSNP:

Mogelijke gevolgen schending verplichtingen:

Indien de Rechtbank één van deze maatregelen dreigt te nemen of heeft genomen, is het zaak om direct een gespecialiseerde advocaat in te schakelen.

doorArjan van Luipen

Onderneming voortzetten tijdens de WSNP

Veel (ex-)ondernemers die in de WSNP komen willen graag hun onderneming voortzetten tijdens de WSNP. Op die wijze is er in ieder geval iets van inkomen en behoeft niet te worden teruggevallen op de bijstand. Het is immers altijd maar afwachten of een nieuwe dienstbetrekking snel wordt gevonden. Aan het behouden van de eigen onderneming kleven vaak grote bezwaren. Wij leggen dit graag uit in deze korte blog.

Uitgangspunt: een baan boven inkomen als ondernemer

Ondanks het feit dat iets van inkomen beter voelt dan bijstand, geldt in de WSNP als uitgangspunt dat betaalde arbeid uit loondienst moet worden verkregen. In dat kader geldt ook de sollicitatieplicht (4 x per maand gericht solliciteren op allerhande banen) voor zolang geen 36 uur per week vast wordt gewerkt.

Veel ondernemers die worden toegelaten tot de WSNP worden dan ook verplicht hun onderneming te staken en het bewijs van uitschrijving aan de bewindvoerder toe te zenden. Vaak is er overigens een goede reden om een onderneming te staken. Dit kan het geval zijn wanneer de schulden juist zijn ontstaan door een verlieslatende onderneming (eenmanszaak).

Ondernemers voor wie de onderneming wél winstgevend is, doen er goed aan te bespreken of de onderneming niet kan worden behouden. Het mes snijdt dan immers aan twee kanten: er komt geld beschikbaar voor de boedel én er is nog een onderneming, die ook na de beëindiging van de WSNP kan worden voortgezet.

Toch de eigen onderneming behouden?

Bij de toelating bepaalt de rechtbank of de schuldenaar tot de Wsnp kan worden toegelaten wanneer deze zijn onderneming voortzet of (tijdelijk) nog niet heeft gestaakt.

Een onderneming mag in principe tijdens de WSNP alleen worden voortgezet in de navolgende gevallen:

  • er wordt een inkomen verdiend dat een stuk hoger is dan een salaris uit een arbeidscontract;
  • aannemelijk moet zijn dat het (hogere) inkomen bestendig is en langere tijd voortduurt (de onderneming moet toekomstbestendig zijn en een goed toekomstperspectief hebben);
  • aannemelijk moet zijn dat er door het ondernemen geen nieuwe schulden zullen ontstaan.

Indien aan deze voorwaarden wordt voldaan, bestaat de mogelijkheid om tijdens de WSNP de onderneming voort te zetten.

Geen toelating wegens voortzetting onderneming?

Mocht de wens om de onderneming voort te zetten tijdens de WSNP leiden tot een afwijzing van de toelating tot de WSNP, dan kunt u hiertegen in hoger beroep komen. U kunt voor dit hoger beroep contact opnemen met één van onze advocaten.

doorArjan van Luipen

De eindzitting in de WSNP

Een WSNP start met een toelatingszitting en eindigt met een eindzitting. In deze blog behandelen wij de eindzitting.

Wat gebeurt er tijdens een eindzitting?

Tijdens de eindzitting zal de rechtbank beoordelen of de schuldenaar zich gedurende de looptijd van de schuldsaneringsregeling heeft gehouden aan de verplichtingen uit de WSNP.

Tijdens de eindzitting kan de rechtbank beslissen om de WSNP te:

  • beëindigen met een schone lei;
  • beëindigen zonder schone lei;
  • verlengen.

Pro forma of inhoudelijke eindzitting

We kennen twee soorten eindzittingen:

  1. De eerste vorm is de pro forma eindzitting.
    Een eindzitting wordt pro forma behandeld indien de rechtbank van plan is om de WSNP te beëindigen op basis van de beschikbare schriftelijke stukken (waaronder het eindverslag van de bewindvoerder). In bijna alle gevallen betekent een pro forma behandeling van de eindzitting goed nieuws voor de schuldenaar, nu dit meestal inhoudt dat de WSNP met een schone lei zal worden beëindigd.
  2. De tweede vorm is de inhoudelijke eindzitting.
    Een eindzitting wordt veelal inhoudelijk behandeld indien de rechtbank twijfelt of de WSNP met een schone lei kan worden beëindigd. Vaak komt dit omdat in het eindverslag van de bewindvoerder geen ‘advies schone lei’ wordt gegeven. Ook kan het zijn dat er gedurende de WSNP problemen zijn geweest. De rechter wil in dat geval (extra) controleren of alles goed is verlopen.

Wanneer is het nuttig om een advocaat in te schakelen?

Wanneer er sprake is van een pro forma eindzitting is het niet nuttig om een advocaat in te schakelen. Lees in dat geval wel ook goed het eindverslag van de bewindvoerder door. Daarin zou u moeten lezen dat deze adviseert u de schone lei te verlenen. Leest u dit daar niet? Neem dan voor de zekerheid toch contact met ons op!

Bij een inhoudelijke eindzitting is het zeer te adviseren contact op te nemen met een van onze in de WSNP gespecialiseerde advocaten. Er bestaat dan namelijk bij een eindzitting het risico dat de schone lei niet wordt verleend. Omdat de ook de overheid het belang van dit soort zittingen inziet, betaalt deze de kosten van de juridische bijstand door een advocaat.

Wat kan een advocaat voor u doen?

Wij brengen voor u de problemen in kaart en nemen contact op met de bewindvoerder. Doel daarbij is om de bewindvoerder te bewegen het eindadvies te wijzigen in ‘advies schone lei’. Mocht dat niet lukken, dan proberen wij samen met u zoveel mogelijk problemen op te lossen en gaan we met u mee naar de zitting.

Wachten tot hoger beroep?

U kunt tegen beslissingen van de rechtbank binnen acht dagen in hoger beroep. Wij adviseren echter hierop niet te wachten en elke mogelijkheid om een schone lei te krijgen aan te pakken. Dit betekent dat wij adviseren ook een advocaat in te schakelen voor de inhoudelijke eindzitting bij de Rechtbank.

doorArjan van Luipen

Tussentijdse beëindiging van de WSNP

In deze blog behandelen wij op verzoek het onderwerp van de tussentijdse beëindiging van de WSNP.

De normale duur van de WSNP bedraagt drie jaar. Indien zich tijdens de looptijd van het traject geen problemen voordoen, zal deze na drie jaar eindigen met een schone lei.

Tijdens de WSNP dient de schuldenaar zich aan diverse verplichtingen te houden. Dit zijn onder meer:

  • de bewindvoerder actief, tijdig en volledig te informeren (informatieplicht)
  • voldoende te solliciteren (sollicitatieplicht)
  • voldoende geld over te maken aan de boedel
  • geen nieuwe schulden maken

Indien een schuldenaar zich niet aan de verplichtingen houdt, zal de bewindvoerder over het algemeen de schuldenaar hier schriftelijk op wijzen. Waar mogelijk geeft deze dan meestal een termijn om alsnog aan de verplichtingen te voldoen. Ook kan de schending van de verplichtingen volgen uit de verslagen van de bewindvoerder. De schuldenaar doet er dan ook altijd goed aan om de verslagen altijd goed door te lezen.

Voordracht tussentijdse beëindiging

Indien de schending aanzienlijk is, kan de bewindvoerder de WSNP voordragen voor een tussentijdse beëindiging. Ook de Rechter-Commissaris kan zelfstandig de WSNP voordragen voor tussentijdse beëindiging. De Rechter-Commissaris en de bewindvoerder kunnen niet zelfstandig de WSNP beëindigen, nu het aan de Rechtbank is om hierover een beslissing te nemen.

Alvorens de zaak aan de Rechtbank wordt voorgelegd, kan er ook eerst nog een verhoor plaatsvinden bij de Rechter-Commissaris. De Rechter-Commissaris kan na het verhoor het erbij laten, een waarschuwing geven of (afhankelijk van de ernst van de zaak) voordragen aan de rechtbank voor tussentijdse beëindiging.

Wanneer weet de schuldenaar dat zijn/haar WSNP dreigt te worden beëindigd?

De schuldenaar wordt door de Rechtbank opgeroepen door middel van een brief van de Rechtbank waar de schuldsaneringsregeling loopt (dit is de Rechtbank die tot toelating tot de regeling heeft beslist).

Wat gebeurt er wanneer de WSNP tussentijds wordt beëindigd?

Indien de Rechtbank de WSNP tussentijds beëindigd eindigt de WSNP per de datum van de uitspraak. Afhankelijk van de vraag of er (na aftrek van het bewindvoerderssalaris) voldoende geld in de boedel aanwezig is om schuldeisers te betalen, volgt een direct einde of een omzetting in een faillissement.

Wat te doen bij een (dreigende) tussentijdse beëindiging van de WSNP?

De Raad voor Rechtsbijstand verleent toevoegingen (betaalt de advocaat) in bepaalde fasen van de WSNP. In geval van (dreigende) tussentijdse beëindiging heeft de schuldenaar recht op een pro-deo advocaat. Dit geldt zowel voor de procedure bij de Rechtbank als in hoger beroep bij het Gerechtshof.

Het is altijd te adviseren om zo snel mogelijk een advocaat die gespecialiseerd is in de WSNP om hulp te vragen. De advocaten van WSNP-zaken.nl zijn zeer ervaren op het gebied van de WSNP én dus ook de tussentijdse beëindiging daarvan.

Tips voor mensen die in de WSNP zitten en te maken krijgen met een tussentijdse beëindiging:

  • houdt altijd zelf goed bij wat u heeft verzonden aan de bewindvoerder (wis nooit emails en gooi nooit brieven weg);
  • blijf altijd in gesprek met de bewindvoerder. Wellicht kan een tussentijdse beëindiging worden voorkomen door alsnog na te komen;
  • neem bij dreigende beëindiging altijd direct contact op met een WSNP-advocaat.
  • kom altijd naar de zitting !

contact

doorArjan van Luipen

Nieuwe Recofa Richtlijnen per 1-1-2018

Eerder beschreven wij in deze blog de Recofa-richtlijnen (link) en het nut daarvan voor mensen die in de WSNP zitten en/of voor mensen die (beroeps)matig daarbij betrokken zijn, zoals bewindvoerders, schuldhulpverleners en in de WSNP gespecialiseerde advocaten.

De oude richtlijn stamde uit 2009 en was dan ook wel aan vervanging toe. Het nieuwe document is een stuk korter omdat alle procesmatige richtlijnen eruit zijn gehaald omdat deze ook zijn terug te vinden in het “Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken”. Verder zijn punten die ook in de Faillissementswet zijn opgenomen uit de richtlijn gehaald.

Ook inhoudelijk is de Recofa-richtlijn 2018 aangepast, maar niet kan gesteld worden dat deze wijzigingen heel ingrijpend zijn voor schuldenaren in de WSNP. Wel is het jammer dat de paragraaf omtrent de Eigen Woning uit de richtlijn is gehaald. De reden hiervan zou zijn omdat Recofa hierover geen algemeen beleid heeft. Toegevoegd is tot slot een artikel over controle en toezicht op de (fiscale) voorzieningen en de fiscus.

Links naar genoemde documenten:

doorArjan van Luipen

Hoe werkt de VTLB-calculator?

Veel mensen vragen ons hoe wij voor onze cliënten controleren of het door de bewindvoerder berekende Vrij te laten bedrag (VTLB) wel correct is.

Wij leggen dit graag in deze blog uit, waarbij wij ons ten doel hebben gesteld dat na het lezen van de blog de schuldenaar dit ook zelf kan doen (dus ook wanneer er geen problemen zijn en een schuldenaar ‘gewoon’ wil controleren of deze niet teveel aan de boedel afdraagt).

Wat is dat: het Vrij te laten bedrag?

Het vrij te laten bedrag (afgekort met VTLB) is het bedrag dat de schuldenaar mag behouden voor zichzelf. Het bedrag dat deze verdient of ontvangt boven het VTLB (het meerdere) dient overgemaakt te worden aan de boedel.

Een kort (vereenvoudigd) rekenvoorbeeld:

Inkomen: € 1500,-
VTLB: € 1300,-

Behouden mag worden € 1300,-. Het restant (in dit geval: € 200,-) moet maandelijks worden overgemaakt naar de boedel.

Wat heb ik nodig om het Vrij te laten bedrag te berekenen?

Om het Vrij te laten bedrag goed te berekenen heeft u minimaal twee dingen nodig:

In het VTLB-rapport kunt u lezen hoe met bepaalde inkomensbestanddelen en uitgaven moet worden omgegaan. Niet elke vorm van inkomen hoeft immers te worden opgegeven. Zo valt bijvoorbeeld kinderbijslag buiten het inkomen (deze mag u altijd behouden).

De VLTB-calculator is het rekenprogramma waarmee het VTLB (zelf) kan worden berekend.

Let op: de calculator werkt eigenlijk alleen maar echt goed op een Windows-computer.
Op een Apple-computer werkt het programma ook, maar dan met een omweg. Op een mobiele telefoon of tablet werkt het programma niet.

De installatie van de calculator:

  1. Bezoek https://www.bureauwsnp.nl en klik op “vrij te laten bedrag”
  2. Op de pagina die dan opent, vindt u een link naar de laatste versie van de VTLB-calculator
  3. Het handigst is het om de executable-versie te downloaden
  4. Installeer het bestand op de harde schijf

Gebruik van de VTLB-calculator:

  1. Na het openen van het programma ziet u direct diverse velden die kunnen worden ingevuld. Aan de bovenkant staan tabbladen (schuldenaar – kinderen – inkomen – uitgaven) en wanneer er sprake is van een partner staan er nog meer tabbladen;
  2. Druk na het volledig invullen van een scherm op de knop DOORGAAN -> Een nieuw tabblad wordt dan geopend;
  3. Na het doorlopen van alle stappen (dit is wanneer u de knop DOORGAAN -> niet meer kunt indrukken), drukt u op de knop ‘Berekenen’;
  4. U krijgt dan waarschijnlijk ook de vraag of u moet opslaan. Druk dan op JA;
  5. Om een leesbare uitdraai te krijgen, die lijkt op de berekeningen die ontvangen worden vanuit de bewindvoerder, drukt u op de knop ‘Uitvoer opslaan’;
  6. U heeft nu op de plek waar u de bestanden heeft opgeslagen twee bestanden staan. Alleen het bestand dat eindigt op …-uitvoer.xml kunt u goed leesbaar inzien. U kunt dit bestand het beste openen met Internet Explorer. Wanneer dit niet automatisch gebeurt, kunt u met uw verkenner gaan naar de folder waar het bestand is opgeslagen. Op het bestand drukt u op de rechter knop van de muis en kiest u voor “Openen met..” Daar kiest u ervoor om het bestand te openen met Internet Explorer (bureaublad-versie). U heeft dan (als het goed is) een goed leesbaar bestand dat u eventueel kunt printen.

Komt u er niet uit? Leest u dan ook de handleiding, te vinden op: https://www.bureauwsnp.nl/binaries/content/assets/wsnp/vtlb/handleidinggebruikvtlbv1.2.pdf